Thursday, December 08, 2011

Nieuwe blog

Ondertussen al niet meer zo nieuw:
http://impassedesalberes.blogspot.com/

Thursday, September 01, 2011

Van oud naar nieuw

Zal ik met mijn oude blog verder gaan? Of toch iets nieuws maken? Laat dit dan een overgangsbericht zijn. Nu ik hier en daar herlees, heb ik toch een beetje spijt dat ik niet verder deed na 2008. Want dit moet er nog in: in 2009 liep ik de 10 miles in Antwerpen. Voor velen misschien klein bier. Voor mij een stunt. En misschien doe ik het ooit nog eens. Maar eerst loop ik een ander parcours. De komende vier maanden breng ik in het dorpje Fourques, Zuid-Frankrijk door. Ik ga er voor mijn ouders zorgen en ook een beetje voor mezelf. Stof voor een nieuwe blog. Eentje met een begin en een einde. Het nieuwe adres volgt.

Monday, May 19, 2008

Mijn liefste supporter

Gisteren de Rivierenhofloop gelopen en "mijn tijd verbeterd" met bijna twee minuten. Het had nog beter gekund als ik me niet had aangesloten bij een dame die beweerde dat ze de ladies run in 34 minuten had gelopen. Toen we over de helft waren begon het tot me door te dringen dat we die 34 nooit zouden halen. Ik liet de dame achter mij en stak een tandje bij. Het hielp wel maar het geheel was toch slecht gedoseerd. Volgende keer beter. Niet te snel vertrekken maar ook niet te traag optrekken is de les.

Hoewel ik best blij ben met mijn nieuwe verslaving, moet ik toch opletten dat het niet uit de hand loopt. Verslaafd zijn aan lopen is één ding, verslaafd worden aan hardloop wedstrijden is een ander. Op het internet vind je vrijwel voor elk weekend ergens een wedstrijd. Ik probeer me te beperken tot één wedstrijd per maand maar het aanbod is groot en de beloningen zijn soms erg verleidelijk. Zo zijn er koersen waar je na elk rondje van 3,5 km een trappist kan winnen. Ik hoop maar dat je die niet moet opdrinken voor je aan het volgende rondje begint. Want een beetje afzien mag wel, maar er zijn grenzen.

Afzien is er dus nog steeds bij. Dat kon ik vanmorgen nog constateren. En toch wordt de drang steeds sterker. Vooral een paar uur na het trainen. Dan begin ik al in mijn agenda te kijken wanneer de volgende training geboekt staat en probeer ik mogelijke hindernissen op te sporen. Zal het de avond ervoor niet te laat worden? Hebben we genoeg bananen in huis? Kan er niet onverwachts iets tussenkomen?

Gelukkig krijg ik de volle steun van Els. Ze vindt het niet erg dat ik af en toe voor een uur in het park verdwijn. Ze zorgt voor een toevoer van bananen, studentenhaver, roze aardappelen en broccoli. Ze gaat mee naar de wedstrijd, draagt mijn fles water en bewaakt mijn spullen. Ze staat halfweg de laatste kilometer te zwaaien en te roepen voor drie. En alleen al dat moment is me alle moeite waard.

Thursday, May 01, 2008

Eindelijk verslaafd (2)

Vorige zondag, een week na mijn eerste run, liep ik vier rondjes in het stadspark. Het ging als een fluitje van een cent. Mijn geluk kon niet op. Ik dacht dat het van dan af altijd zo zou gaan. In gedachten schreef ik al een blogje met de titel "de grootste beloning". Maar gisteren kreeg ik weer een lesje in nederigheid en sterfelijkheid. Mijn rechterbeen wou niet mee. Teleurgesteld moest ik stoppen na het tweede rondje. Morgen hopelijk beter. Een beetje verslaafd is anders wel prettig.

Tuesday, April 22, 2008

In de Gazet


Het staat er zwart op wit : Christine Van den Hove, 1874ste (van de 1925), bruto 39:39, netto: 38:06.

Vooraf had ik me minder dan 40 minuten niet kunnen voorstellen en nu denk ik: dat kan beter.

Dus dames, meedoen! Hier is de volgende koerse: http://www.antwerpen.be/eCache/BTH/254.cmVjPTQ3Mjg.html

Meer voorstellen zijn welkom!


Monday, April 21, 2008

The day after

Het was leuk leuk leuk. Ik heb mijn 5 km netjes uitgelopen. En ik eindigde niet eens als laatste. Het is nu nog wat wachten op de tijden.

Vandaag voel ik me vooral geradbraakt. Vraag me toch af of het allemaal zo gezond is …

Sunday, March 30, 2008

Wachten op een wonder

In een vlaag van overmoed heb ik me twee maanden geleden ingeschreven voor de ladies run van de Antwerp Ten Miles. Ik had toen het idee dat ik nog een zee van tijd had om mij op die luttele 5 km voor te bereiden. Maar dezelfde week nog geraakte ik door een gemene griepaanval voor de drie daaropvolgende weken buiten strijd.

Ik kreeg van iemand de goed raad om mijn looptijden elke week met 10 procent te verlengen en dat leek me een beter idee dan met onderbroken tijden te trainen. Een paar weken ging het goed. Ik kon er elke week een paar minuten bijdoen. Mijn planning was erg nipt maar haalbaar. Tegen 20 april zou ik in staat moeten zijn om een uur lang te lopen.

Maar o zwakke ik. Te veel paaseieren en een aanval van paasluiheid en plots was de week om en had ik helemaal niet gelopen.

Vanmorgen vertrok ik dan ook met lood in mijn loopschoenen naar het park. Op het programma stond 40 minuten.

Tijdens het eerste rondje wou mijn hartslag maar niet lager. Mijn polshorloge bleef maar piepen: je kunt het niet, je kunt het niet … Ik zag mezelf al helemaal als laatste het parcours afstrompelen. Ik zou pas een half uur later dan de laatste aankomen. De wegwijzers zouden al weggehaald zijn en ik zou verloren lopen.

Ik begon me af te vragen of ik me wel zo onsterfelijk belachelijk wou maken en begon excuses te bedenken om maar niet aan de start te moeten verschijnen.

Maar toen dacht ik aan het Tv-programma 71° noord, een soort afvalkoers waar de deelnemers in de ijzige kou allerlei zware proeven moeten afleggen. Aan die arme Herr Seele die nooit sport gedaan heeft en dacht dat hij een toeristische rondreis in Noorwegen aangeboden kreeg. Niemand vindt hem aardig en hij wordt nooit uitgekozen om deel uit te maken van een team. Telkens moet hij door de spelleiders bij een team ingedeeld worden. Maar hij doet het toch maar: zware lasten over de sneeuw sleuren, in het ijskoude water springen, op een gletsjer klimmen.

Met Herr Seele in mijn gedachten was het tweede rondje plots om. Mijn hartslag zakte een beetje en het lopen werd wat minder zwaar. Nog een kwartiertje. En in dat laatste kwartier gebeurt dan het wonder. Alsof mijn lichaam het begrepen heeft. Mijn hartslag daalt nog. Ik mag zelfs iets harder. Geen pijn in mijn benen meer. Ik kom in een cadans. Ik moet zelf niet meer duwen. Mijn lichaam heeft het van mij overgenomen. Na 40 minuten en 31 seconden dwing ik mezelf om te stoppen. Niet overdrijven nu. Woensdag weer. Mijn project ziet er opnieuw haalbaar uit. Ik durf dit zelfs te bloggen.

Sunday, February 03, 2008

Verstrooid

De hele nacht spookte ze door mijn dromen: een werkwoordfout. Nochtans is het maken van een werkwoordfout of een zogenaamde dt-fout helemaal niet erg. Dat vind ik. Van andere mensen. Voor mijzelf heb ik er moeite mee. Omdat het al een paar keer is gebeurd. En dan nog in een mail naar mensen op wie ik een goede indruk wilde maken. En vooral omdat ik sinds kort taalverbeteraar van beroep ben. Je zou van minder wakker liggen.

Ik probeerde mij de vorige fouten te herinneren en kwam erachter dat het bijna altijd dezelfde was. Zij vind, wie vind … Ik projecteerde het woord levensgroot op het plafond. “Vindt”, moet het zijn. En plots vond ik die “t” zo onnatuurlijk. En dat is het ook. Net als bij “wordt”.

Met “worden” heb ik het -geloof ik- nog niet aan de hand gehad. Op één of andere manier zit dat er ingeprent. Terwijl “vindt” waarschijnlijk slecht geprogrammeerd is in mijn brein. Want daar gaat het over. Niemand vraagt zich bij elke zin af welke “persoon” het onderwerp is. Na een zekere training die in de lagere school begint en afgerond zou moeten zijn in de middelbare school, zou het een automatisme moeten zijn.

Maar de Nederlandse taal is net iets te ingewikkeld voor automatismen. Een spellingchecker, hoe verfijnd ook, heeft het soms moeilijk met zinsontleding. Hij kan niet altijd uitmaken wie of wat het onderwerp is in een zin en ziet daardoor soms de werkwoordfouten niet. In deze tekst vindt hij “zij vind” fout, maar “wie vind” juist. En bij inversie wordt het helemaal lastig.

En zo probeer ik maar een verklaring te vinden en mijn fouten goed te praten. Maar voor Els is het heel eenvoudig: Jij bent gewoon een verstrooid iemand, zegt ze. Een verstrooid iemand, dan nog. Niet af en toe een keertje verstrooid, maar iemand die dikwijls verstrooid is.

Ik vind het niet erg prettig om te horen. Maar ik vrees dat ze gelijk heeft.

Het stond in al mijn agenda’s in de lagere school: Opletten in de les!

Monday, January 07, 2008

Verloren maandag

Maandag zou schrijfdag moeten zijn. Maar telkens weer zijn er praktische bezwaren. Zo is de verwarming vandaag weer kapot en staan er illegale vuilniszakken op de stoep. Er is altijd wat te regelen. En regelen dat doe ik graag. Maar schrijven ook.

Ik zou graag schrijven over het flatgebouw en haar bewoners. Ik kijk zo graag naar hen. Wij zijn observers, zegt mijn schrijvende zus, Elisabeth. Noem het maar voyeurs, denk ik nu. Laat ik het maar toegeven, mijn vrijwilligerswerk in het gebouw is niet veel meer dan een excuus om naar mensen te kijken en te luisteren. Hun gedrag en hun verhalen zijn zo wonderlijk dat tussen hen leven bijna hetzelfde is als een roman lezen of naar een film kijken.

Voor alle duidelijkheid: mijn bedoelingen zijn goed. Ik zie ze allemaal graag. Ook al durft er wel eens eentje boos zijn of juist heel nonchalant. Ik zie ze zo graag dat ik niet meer over hen schrijf. Ik zou niemand willen kwetsen of zijn privacy schenden.

En daar zit ik dan, vol verhalen, die het papier niet halen. Misschien moet ik toch maar met een geheim dagboek beginnen. Of mijn belevenissen kanaliseren naar een ander project.

Er staat er al eentje in de steigers. Ik zal met het overschotje van mijn verloren maandag maar eens snel aan de slag gaan.

PS Mijn liefste, breng je straks worstenbrood en appelbollen mee?

Saturday, November 03, 2007

Inspiratie


Aan mijn weblog zou je het niet zeggen, maar de laatste tijd heb ik veel inspiratie. Soms komen er woorden en zinnen van. En af en toe geraken ze zelfs op papier. En zoals vandaag kan ik mij daar echt gelukkig bij voelen. Het lijkt wel of ik de laatste tijd de juiste mensen ontmoet en vooral de juiste prikkels krijg. Als er dan ook hier en daar nog een streep tijd vrij komt, dan is het helemaal goed.

Het leven is toch raar. De ene dag is het een berg hindernissen en storingen en de volgende dag past weer alles naadloos in elkaar. En zo is het vandaag. En hopelijk morgen ook nog een beetje.

Monday, September 17, 2007

Een jaar als (g)een ander

Onze bovenburen hebben een hondje gekocht. Het zou eerst Mira heten. Daarna Guapa want voor hondjes is het het jaar van de G. Door een menselijke fout in de registers heet het nu officieel Zuappa. Maar haar nieuwe baasjes blijven haar Guapa noemen. Het is ontroerend om te zien hoe gelukkig ze zijn. En Guapa ziet er ook wel gelukkig uit, voor een mopshondje.

Ik zag net dat mijn blog al meer dan een jaar bestaat. Een jaar waarin zoveel gebeurde dat ik geen tijd had om het allemaal te bloggen. De gevelde wilde kastanjelaar in het stadspark is allang opgeruimd. In de vijver zag ik het water hoopvol stijgen en daarna weer dalen. Er staat zelfs geen plasje meer in. Af en toe maait iemand het gras dat er nu groeit. De eenden en de waterhoentjes zijn weg. En tijdens de dagen van het Joodse nieuwjaar, vorige week, konden de gelovigen hun zonden niet kwijt. Ik hoop dat ze een andere plas hebben gevonden. Tijdens mijn zoektocht naar een uitleg over het verloren geraakte water las ik dat de vijver ooit express in verbinding werd gebracht met de Herentalse vaart. Om stromend water te hebben voor het Joodse nieuwjaar.
Hoe zou het eigenlijk met de Herentalse vaart zijn?

Ook in het flatgebouw is veel gebeurd. Een gezin verhuisde naar het gebouw naast het onze. Hun appartement staat te huur. Een ander appartement werd verkocht en we wachten nieuwsgierig af wie er komt wonen. De hoogbejaarde en heerlijk extravagante madame B. werd een paar dagen geleden naar het ziekenhuis gebracht. Ze is 88 en woont hier al 43 jaar. Ze weigert om naar een bejaardentehuis te gaan en hoewel het geen leven is voor haar bezorgde familieleden, hoop ik dat ze nog een tijdje onze buurvrouw kan zijn. Mijnheer en mevrouw S. maken het goed, ook al ondanks de jaren.

In ons appartement kwam een nieuwe badkamer. Een foto volgt. Eerst het fotoapparaat vanonder het stof halen. Het stof hing wekenlang in onze neusgaten en knarste tussen onze boterhammen. Maar nu kunnen we ons eindelijk wassen.

Guapa blaft al een beetje. Ik hoop dat Guapa een lief klein hondje blijft.

In de kelder van het flatgebouw lekt een driewegkraan zo erg dat we een dompelpomp moesten laten installeren. De stookinstallatie puft en stoomt en dreigt elk moment uit elkaar te vallen. Ik durf haast niet meer te gaan kijken. Morgen moeten we een installateur kiezen die ons voor een slordige 50.000 euro aan een nieuwe verwarming moet helpen. Liefst nog voor het winter wordt.

Vandaag bedacht ik dat ik zoveel aan mijn hoofd heb, dat het ene probleem mij van het andere afleidt. Op die manier slaag ik erin om niet in het piekeren vast te lopen. Zo zie je maar: elk nadeel heeft zijn voordeel.

Het is stil bij Guapa. Misschien slapen ze al. Glimlachend, alledrie.

Friday, July 27, 2007

Eurogames: zwemster Marijke en coach Fabienne

Niet meer en niet minder

Voor vandaag had ik tijd gereserveerd om het einde van mijn weblog te schrijven. Ja, ik was van plan om ermee te stoppen. Ik zou alles nog eens overlopen. Een paar stukken eruit gooien, het beste laten staan en met een afscheidstekst de boel netjes afsluiten. En wel om de volgende redenen: Ten eerste kom ik er niet toe om regelmatig te schrijven. Inspiratie genoeg, dat wel. Te weinig tijd, durf ik niet aanhalen. Te veel andere dingen aan mijn hoofd, daar is wel iets van. Maar vooral is het lelijke groene faalangstbeest de spelbreker. Het zit voortdurend op mijn schouder en wijst elk idee meteen af. Een stukje over de Eurogames? Allang oud nieuws, zegt het beest. Nog eens over mijn loopochtenden in Den Brand? Hebben we al gehad. Over de fantastische mevrouw S. die mij onlangs een regenkapje aanbood? Wie zit daar op te wachten?

Zo kom ik dus nergens en op de koop toe voel ik me schuldig omdat ik weet dat mijn handvol trouwe lezers regelmatig op deze url klikken en niks nieuws vinden.

Ten tweede kreeg ik onlangs precies van twee van die trouwe lezers de bekentenis toegestuurd dat ze liever mijn verhalen lezen dan mijn weblog en verzoeken ze mij vriendelijk om weer verhalen te gaan schrijven. De mail eindigt met Please! En is ondertekend door “Je grootste fans”.

Je zou van minder in vertwijfeling geraken.

Als ik ergens over pieker kijk ik wel eens naar de mooie foto van Ton in mijn schrijfkamertje. Zijn advies: Je kunt het ene doen en het andere niet laten.

Besluit: Ik maak in mijn drukke hoofd een plekje vrij voor een nieuw verhaal. Tegen wanneer? Dat zien we wel. En ondertussen blijft deze blog gewoon lekker open. Niet voor jullie, maar voor mij. Als oefenplek. Voor kleine verhaaltjes en piekertekstjes als deze. En af een toe een foto. Meer moet dat niet zijn.

Monday, June 18, 2007

Eentje die het gaat maken

In de Lange Gasthuisstraat stapten een klein meisje en haar moeder op tram 7. Het viel me meteen op dat het meisje heel sterk op haar moeder leek. Hetzelfde lichtbruine, ronde gezichtje, dezelfde dikke krullenbos. Misschien voelde ze dat ik naar haar keek want de daaropvolgende minuten deed ze er alles aan om mijn en ook Els’ aandacht gevangen te houden. Haar moeder sjouwde twee grote waszakken mee, en probeerde haar dochter ervan te weerhouden om op de zakken te gaan zitten. Ze had zelf wat moeite om recht te blijven. Terwijl ze een kaartje in de automaat stak, ging ook nog haar telefoon over. “Dat is mijn vader.” zei het meisje trots, terwijl ze -gebruik makend van de verslappende aandacht van haar moeder-, op de grootste zak plofte. De dame beëindigde het gesprek in het Portugees en lachte verontschuldigend naar ons. We begonnen een kleine conversatie en vernamen dat het meisje Luana heette, 4 jaar was en niet kon ophouden met tateren. Waarop Luana meteen een demonstratie gaf. Bij de nationale bank moesten we er allemaal af. “Handje geven.” zei Luana en ze stak haar hand uit naar Els. “En jij moet mijn moeder helpen.” commandeerde ze in mijn richting. Gehoorzaam tilde ik één van de waszakken op. Samen staken we de straat over. Aan de overkant zou Luanas papa hen komen ophalen. Els en ik liepen verder naar het flatgebouw. Bij de deur zwaaiden we nog eens, naar Luana en haar moeder.

Tuesday, May 01, 2007

Dag van de arbeid

Ondanks het mooie weer zijn we vandaag thuis gebleven. Op de dag van de arbeid moet er immers gewerkt worden. We hebben dan ook de hele dag besteed aan het grondig opruimen van onze keuken. Heel wat overtollig keukengerief is naar de kelder verhuisd en vandaar gaat het morgen naar de kringloopwinkel of het stort. Tijdens de werkzaamheden zijn twee glazen en een deksel van een suikerpotje gesneuveld. Helemaal niet erg. Glazen hebben we genoeg en over de suikerpot hoeven we ons hoofd niet meer te breken: hij mag mee naar het stort.
Tussendoor luisterden we naar de fab 50 waar tot mijn verontwaardiging Madonna op de tweede plaats stond (Like a virgin) en tot onze verwondering Edith Piaf op de eerste plaats. Voor mij was de top Aretha Franklin (nr 3 in de Fab 50). Op I say a little prayer hebben we een dansje gedaan. We waren in een romantische bui nadat ik als gevolg van een elleboogstoot tegen de deurklink, flauwviel in Els’ armen. Echt waar.
Een kleine keuken heeft zo haar voor- en haar nadelen. Toch droom ik nog steeds van een grote keuken. Alleen vrees ik dat we dan helemaal in de keuken gaan wonen. Zoals we nu eigenlijk ook al doen.
Tegen het einde van de werkdag, zo rond 5 uur, dronken we, tevreden van de gedane arbeid, een kop koffie aan onze piepkleine keukentafel. In het radionieuws hoorden we Freya Van den Bosch uithalen naar Polen, waar de regering een beroepsverbod aan holebi’s wil opleggen. Een beetje verbijsterd keken we elkaar aan. Polen is niet eens zo ver hiervandaan. En nu maar hopen dat Europa hier snel wat aan doet.

Thursday, April 12, 2007

Tuesday, March 06, 2007

Het is van moeten

In één week tijd vroegen vier vrienden hoe het met het schrijven gaat. Tja, veel komt er niet van terecht. Het project waar ik in januari zou aan beginnen ligt in de derde lade rechts. Mijn weblog is ook niet veel soeps meer. Goesting genoeg, maar tijd tekort. Hoe doen andere mensen dat toch? Ik ken mensen met een fulltime baan en een paar kinderen, die elke avond gezond koken, in het weekend hun huis verbouwen en tussendoor toch nog artikels of verhalen schrijven. Blijkt dat ze ook nog boeken lezen en naar de film gaan!
Elke dag pijnig ik mijn hersenen met de vraag hoe ik tijd kan maken. Wat kan ik schrappen? Maar het lijstje blijft onveranderd. Integendeel, ik zou er graag nog wat aan toevoegen: meer sport, meer lezen, weer piano spelen, vaker mijn petekind bezoeken, een weekendje weg met mijn liefste …
Mijn frustratie is groot maar de troost is even groot: het is heerlijk om in de flow te zijn, energie te hebben. En het schrijven loopt niet weg. Gelukkig heb ik vriendinnen die mij aanporren. Hou altijd een schriftje bij de hand, zeggen ze en ze doen er mij prompt een paar cadeau. Ik ben altijd blij met schriftjes. Met alles van papier. Net nog kreeg ik een blok met vierkante velletjes van mijn bovenbuur. Het kan niet op. Schrijven zal ik.

Monday, February 19, 2007

Voornemen uitgevoerd

Om 9 u vanmorgen liepen Mimount en ik het park “Den Brand” in. Een beetje voorzichtig, want het was al bijna 8 weken geleden. We spraken af om afwisselend te lopen en te stappen. Maar voor we het beseften, hadden we een rondje gelopen. En ook het tweede ging vanzelf. Niks afzien. Niks hijgen en zweten. Alleen mijn hartslagmeter sputterde af en toe tegen. Eerlijk gezegd vertrouw ik dat ding niet echt.
We liepen dus alsof we alle dagen niets anders doen. Mimount vertelde weer de boeiendste verhalen. En dat is de truc. Daarom koester ik haar. Om haar verhalen. En omdat lopen met haar daardoor geen moeite kost.

Vrijdag in het stadspark


Monday, February 12, 2007

Winterstop

Mijn piepkleine groep van trouwe fans moeten al een tijdje op een houtje bijten. Sorry dames en heren, het komt er maar niet van. Te veel aan mijn hoofd, te weinig tijd, te veel goesting in andere dingen. Dat laatste is natuurlijk positief. Zo ben ik onlangs met een cursus fotografie begonnen. Veel zal het niet helpen, want talent heb ik duidelijk niet. Maar alle beetjes helpen en wie weet slaag ik er binnenkort in om een foto te maken die niet bewogen en onderbelicht is. Die komt dan meteen in mijn weblog.

Te weinig tijd, want minder tijd, omdat ik weer werk. Sinds januari ben ik de vaste duizendpoot van Natuurpunt-WAL (http://www.natuurpuntwal.be/). Het is een beetje aanpassen om weer in de non-profitsector te werken maar het is verschrikkelijk leuk. Zo herken ik tegenwoordig al de roep van een pimpelmees en weet ik hoe een ekster eruitziet. Je moet ergens beginnen. De rugstreeppad zou ik waarschijnlijk ook al kunnen identificeren. En kikkers en padden moeten de straat over geholpen worden, zodat ze in hun haast om zich voort te planten, niet overreden worden. Elke dag besef ik dat ik al 49 jaar op deze wereld rondloop en er zo goed als niets over weet. Maar daar komt nu verandering in. Het werk zelf is ook erg leuk. De controlefreak en de regeltante in mij kunnen zich helemaal uitleven. In mijn enthousiasme ben ik al een paar keer uitgegleden. Na mijn val over een zelfgemaakte d/t-fout in een mail naar het Dagelijks Bestuur en een verkeerde datum in een mail naar 350 Natuurpunt-WAL-vrienden, heb ik mezelf gedwongen om het wat rustiger aan te doen.

In het Flatgebouw is er ook van alles aan de hand en in Frankrijk maken mijn ouders een moeilijke winter door. Veel aan mijn hoofd dus.

Tot mijn schande moet ik tenslotte bekennen dat ik van het hele jaar nog niet gelopen heb. Als ik voorbij het stadspark fiets, kijk ik de andere kant op. Uit pure schaamte.
Maar ook daar komt verandering in. Volgende maandag maak ik een einde aan de winterstop.
Mimount, hou je klaar. Nu het in mijn weblog staat, kan ik er niet meer onderuit. En intussen is mijn weblogwinterstop ook al opgeheven. Het komt weer allemaal goed.